Work harder-13mar-MMdV

Overdenking bij 2 Kronieken 1:7-13
uitgesproken 13 maart 2019
ds. Marjan de Vries

Gemeente van Jezus Christus,

preek-20190313-1.jpgWe beginnen met een kleine cursus leiderschap op deze woensdagavond.
Het zijn de leiderschapscapaciteiten van Koning Salomo waarbij we stilstaan. Hij neemt zijn leiderschapsteam mee een berg op. Komende vrijdagavond doen we dat ook met de kerkenraad van deze gemeente. We gaan samen niet een berg op maar naar de druiventuin in Monster om samen eens te kijken en stippen te zetten op de horizon. Samen in gesprek te blijven.
Zo neemt Salomo de leiders over duizend, over honderd en alle familie hoofden mee Jeruzalem uit de berg op. Daar is de ontmoetingstent, de tent die met Mozes en het volk mee door de woestijn is getrokken. En voor die tent is een altaar gemaakt. En daar offert koning Salomo duizend dieren. Ze blijven daar om de nacht door te brengen en in die nacht vraagt God aan Salomo. Wat wil je dat ik je geef?
En hij neemt zijn mensen daarin mee. Hij klopt bij God aan en geeft aan dat de verantwoordelijkheid die hij gekregen heeft zwaar op hem drukt. Hoewel hij tot dan toe succesvol is geweest wil hij zich ervan verzekeren dat God bij hem blijft in het werk dat hij moet doen als koning.
Het is mooi dat hij zo zijn kwetsbaarheid laat zien, niet alleen aan God, maar ook aan de mensen om hem heen, de mensen die hij moet leiden.

Wat vraagt Salomo in zijn gebed? Hij zegt: U hebt mij aangesteld als koning over een volk dat zo talrijk is als het stof van de aarde, schenk mij daarom wijsheid en inzicht, zodat ik dit volk kan leiden.
De juiste vraag is die naar wijsheid en inzicht. Telkens weer zal hij als eindverantwoordelijke van dit volk grote beslissingen moeten nemen. Wijsheid en inzicht zullen van pas komen. Wijsheid en inzicht zullen hem helpen de juiste weg wijzen om samen met het volk te gaan. Voor Salomo is duidelijk wat dat is: Het volk houden op de weg van recht en vrede van de Levende.
En Salomo leeft hen dit voor omdat hij steeds, ook als hij als koning heel succesvol is zich blijft richten op de Eeuwige.

Vandaag is het biddag voor gewas en arbeid. En we mogen erop vertrouwen dat nu wij hier samen zijn God ook aan ons vraagt: Wat wil je dat ik je geef?
En ook wij vragen om gerichtheid.
Juist vandaag, al doen we dat iedere zondag, iedere maandag dinsdag en woensdag. Iedere dag van het jaar, staat nog meer in het teken van de verbinding tussen het leven van alledag en onze Godsdienst. Traditioneel bidden we vandaag voor het zaaien dat bij de boeren plaatsvind in deze maanden.
Dat het goed mag verlopen, er regen mag zijn en zonneschijn zodat de oogst zal groeien.
Maar in het huidige Nederland werkt het op veel gebieden anders. Zeker bij ons in het Westland, we zijn geen boeren meer. Toch zijn ook wij vandaag naar de kerk gekomen vanavond. Omdat we hopen dat ook het komende seizoen een goed seizoen is. Dat God erbij is.
En dat wij met God mogen gaan. Welk werk we ook onder onze handen krijgen. Met natuurlijke materialen, of in de technologie, in het besturen of met onze voeten in de spreekwoordelijke klei. We bidden vanavond dat wij gericht mogen worden. Dat ons werk richting heeft, dat wij met wijsheid en inzicht ons werk kunnen doen. Zoals Salomo dat vroeg voor zijn werk.

De vraag van God aan Salomo is interessant, zeker omdat we geleerd hebben dat in gebed de mens de vragende partij is en God de ontvangende partij – Maar hier gebeurt het andersom: God helpt Salomo bij het gebed. Wat wil je dat ik je geef?
Het gebed wordt een gesprek.
De inbreng van God is ten eerste dat Hij Salomo helpt zich te richten.

Helpt God ons ook? Een belangrijke uitspraak die ik vandaag ook weer langs zag komen op de sociale media is: hier toegeschreven aan Albert Einsteinpreek-20190313-3.jpg
Bidden verandert de wereld niet, maar de mens en de mens verandert de wereld,
Op het moment dat Salomo het offer brengt en Gods hulp vraagt, geeft hij toe dat niet alles alleen maar van hem afhangt. Door te bidden, richt je je minder op jezelf en meer op God. Je opent je ogen en leert benoemen en zien waar het beter kan, en anders moet.
Mensen vragen mij weleens, dominee moeten we nu weer voor vrede bidden? En mijn antwoord is altijd ja. Omdat bidden mensen verandert. Dat gaat maar langzaam.
Maar we leren door te bidden ons te richten op die plekken in de wereld waar het nog niet is zoals we zouden willen.
We bidden een betere wereld dichterbij. Want de mens die bidt en werkelijk zijn hart openzet voor de dingen die mis zijn, en werkelijk daar de vinger op durft te leggen komt ook sneller in beweging.

Vandaag staan we met de Raad van Kerken stil bij de woorden Work Harder.
Het woord wordt verbonden, bijna op cynische wijze met de situatie van werkende armen in Nederland. In het boekje staat een interview met David, uit een artikel uit de Correspondent in 2017. David heeft een jaarcontract voor een deeltijdbaan bij PostNL.
Hij zegt niet te behoren tot de groep van werkende armen, mensen in loondienst of zzp’ers die onder de armoedegrens leven. ‘mensen die arm zijn hebben het veel moeilijker dan ik. Ze halen boodschappen bij de voedselbank. Ze kunnen hun vaste lasten niet meer betalen. Ik red me nog altijd zelf. Al is het op een gekke manier.’
David vergist zich. Hij weet niet dat de armoede grens voor een alleenstaande tussen de 971 en 1063 euro netto per maand ligt. Zijn inkomen zit daar ver onder. Hij heeft zich tot nu toe kunnen redden omdat zijn ouders bijspringen. Dat is die gekke manier.
Werk heeft hij nodig. Een bijstandsuitkering wil hij niet. Hij redt zich liever zelf.

Dan de cijfers: Van de werkende bevolking maakte in 2016 2,8% (203.000 personen) deel uit van een huishouden met een inkomen onder de lage-inkomensgrens. De  werknemers, mensen die voor een baas werken vormen de helft van deze groep. Onder zelfstandigen met personeel is het aandeel drie keer zo groot en onder zelfstandigen zonder personeel relatief 5x.  

Work harder het is de manier waarop onze samenleving lijkt te werken. Is er plaats voor kwetsbaren op de arbeidsmarkt? Tom Naastenpad voorganger uit Rotterdam verbindt het met de tekst uit Kronieken: waarom ziet de wereld er zo uit zoals ze eruit ziet? Omdat dit is waar we van dromen. Wij hebben het in deze wereld voor het zeggen.
Dat er werkende armen zijn, dat er kinderen in armoede zijn, heeft op pijnlijke manier te maken met wat wij in deze samenleving belangrijk vinden, waar we van dromen, waar we prioriteit aan geven. Op de een of andere manier zijn we onze samenleving onze economie en arbeidsmarkt zo vorm gaan geven, dat de meest kwetsbaren daarin niet goed mee komen, dat kinderen op het spel staan. Die kwetsbaren zeggen ons iets over onze samenleving. Uit hun mond, want ontmoetten wij God niet juist in de kwetsbaren?, klinken die woorden van de Levende God, wat wil je dat ik je geef?
Het Work Harder gaat dan ook anders klinken. Het klinkt als een opdracht naar ons. We mogen onszelf openstellen voor wat nodig is in de wereld en daar ons voor inzetten onder het motto work harder aan Gods koninkrijk hier op aarde.

Amen

NB. Genoemde informatie komt uit Work Harder, informatiebrochure van Kerk in Actie en de Raad voor Kerken Nederland

preek-20190313-2.jpg