Meer dan het gewone - 15 maart 2020 - Ds. Eibert Kok

Meer dan het gewone?

Zondagmorgen 15 maart 2020, Ontmoetingskerk, ds. Eibert Kok

Lezing: Matteüs 5: 43-48

Wanneer doe je het goed?
Afgelopen dagen zag je het gebeuren in de supermarkten: er werd gehamsterd.
Hele schappen die leeg waren.
Geen brood meer te krijgen. De laatste melk.
Grote partijen toiletpapier en paracetamol werden er ingekocht.
Waarvoor? Om genoeg voorraad te hebben in deze onzekere tijd, denk ik.
En zo komt uit waar je, als iedereen normaal zou doen, niet bang voor hoeft te zijn: dat er tekort ontstaat in de winkel.
Maar ook dat mensen die echt paracetamol nodig hebben achter het net vissen omdat een ander onnodig veel heeft ingeslagen.
Dus de een heeft meer dan genoeg en de ander te weinig.
Ineens speelt heel dichtbij, wat op mondiaal niveau eigenlijk altijd speelt.
Is dat fout dan, tien doosjes paracetamol inkopen, dat mag toch? Ja, dat mag. Volkomen legaal. Je gaat tegen geen enkel gebod of verbod in. Maar is het daarmee ook goed?
Volgens mij hebben de woorden die we vanmorgen gelezen hebben daar wel iets over te zeggen.
Iets heel anders wat ik afgelopen dagen zag. Via social media zijn er mensen, jongeren, die hun diensten aanbieden aan anderen, ouderen, die de deur niet uitkunnen of durven,
jongeren die bijvoorbeeld boodschappen willen doen of de hond uitlaten. Dat zijn mooie initiatieven om juist in moeilijke tijden een ander te helpen.
Moet dat? Kun je je niet beter tot je eigen zaken beperken? Je doet toch niets fout als je dat niet doet? Nee, dat niet.
Maar is het daarmee ook goed?
Vandaag hebben we woorden gehoord uit de Bergrede van Jezus.
Regelmatig wordt de vraag gesteld of het wel realistisch is wat Jezus de mensen in de Bergrede voorhoudt.
De Bergrede is, in de historische context gezien, ook een soort twistgesprek met de Farizeeën en Schriftgeleerden, mensen die zich fanatiek proberen te houden aan de regels die gegeven zijn.
Ze vinden dat Jezus daar veel te vrij mee omgaat.
Jezus neemt in hun ogen de wetten en regels niet serieus genoeg.
Maar Jezus zit daar anders in. Hij zegt:
“Denk niet dat ik gekomen ben om de Wet of de Profeten af te schaffen. Ik ben niet gekomen om ze af te schaffen, maar om ze tot vervulling te brengen.”
Er volgen dan allerlei voorbeelden hoe er toen vanuit de traditie gedacht werd over de manier waarop je behoorde te handelen in bepaalde situaties.
“Jullie hebben gehoord dat er ooit, vroeger, tegen jullie voorouders gezegd is…” en dan volgt een concrete situatie,
“maar ík zeg jullie…” en dan volgt de manier waarop Jezus daarin staat.

Er wordt weleens gedacht dat Jezus zich in de Bergrede afzet tegen de geboden van het Oude Testament.
Maar dat is niet zo. Jezus spitst het toe.
Jullie hebben gehoord dat destijds gezegd is…
Ik zeg jullie…
Wat hij dan zegt is een grotere opgave dan wat er vanouds gevraagd werd.
Wat hij zegt gaat niet ín tegen wat vanouds tegen de mensen gezegd is, maar geeft het wel een bepaalde richting.

Het is mooi te illustreren aan het eerste wat genoemd wordt.
Jullie hebben gehoord dat vroeger tegen het volk gezegd is: Niet doodslaan. Ik zeg jullie… Dan volgt Jezus’ invulling.
Niet doodslaan.
De meeste mensen kunnen zeggen: daaraan heb ik me niet bezondigd.
Dat klopt, maar is geen minimale interpretatie van die woorden? Als je niemand vermoord hebt, doe je niets fout. Dat klopt.
Maar is dat de bedoeling van die regel?
Klinkt daarin niet een pósitieve intentie door?
Daar wil Jezus de mensen oog voor geven.
De positieve bedoeling zou kunnen zijn dat we elkaar op we elkaar op Gods goede aarde ruimte geven, het leven mogelijk zouden maken.
Wat doen wij bijv. als we jarenlang boos zijn op een medemens? Je kunt hem niet luchten of zien.
Wat doen wij als we een ander veroordelen omdat die anders is?
Wat doen we als we achter de rug om van die ander hem of haar omlaag halen?
Wat doen wij als wij de ander negeren, doodverklaren, niet willen zien?
Is dat ook niet een manier van ‘de ander doden’?
De bedoeling van die regel is, zo lijkt Jezus hier te willen zeggen: de ander het leven mógelijk maken, ruimte geven,
en dat omvat veel meer dan iets níet doen, dat betekent dat je voor een ander iets wél doet.
Dan ineens ga ik snappen wat Jezus bedoelt als hij zegt: Laat jullie gerechtigheid groter zijn dan die van de Farizeeën en Schriftgeleerden.
Dan moeten we niet denken aan ons strafrecht: het kwade moet gestraft worden, en dat heet dan gerechtigheid.
Dat is een minimale invulling van het begrip gerechtigheid.
In de bijbel is gerechtigheid een veel royaler woord.
Gerechtigheid is doen wat er van je verwacht mag worden, functioneren naar je bedoeling.
Als ik in mijn auto stap, de auto start en hij doet het, dan is die auto rechtvaardig, hij functioneert naar zijn bedoeling.
Maar het kan ook gebeuren dat hij het niet doet, dan is hij onrechtvaardig, dan is dat zonde, dan schiet hij zijn doel voorbij.
Niet doen wat er van je verwacht mag worden is zonde.
Een mens is rechtvaardig, als hij werkelijk mens is voor God en zijn medemens.
Zo iemand loopt niet netjes op de paadjes, maar gaat royaal zijn weg, royaal naar een ander toe.
Geen minimale gerechtigheid, maar royale.
Meer doen dan het gewone.
Met hamsteren overtreed je geen enkele regel. Dus doe je niets fout. Maar daarmee is het nog niet goed, want je kijkt alleen naar jezelf en niet naar de ander.
Een minimale houding.
Daartegenover nodigt Jezus ons uit tot een royale houding.
Je hulp aanbieden via social media. Hoeft strikt genomen niet. Maar voegt zeker iets toe. Meer doen dan het gewone.

Ik sluit af met de woorden van Lied 973:

Om voor elkaar te zijn uw oog en oor,
te zien wie niet gezien wordt, niet gehoord,
en op te vangen wie zijn thuis verloor,
halleluja.

om voor elkaar te zijn uw hand en voet,
te helpen wie geen helper had ontmoet:
wie dorst of hongert wordt getroost, gevoed,
halleluja,

om voor elkaar te zijn uw hart en mond,
om op te komen voor wie is verstomd,
voor wie gevangen zit of is gewond,
halleluja,

roept U ons, Christus, uw gezicht te zijn,
gerechtigheid en vrede, brood en wijn,
uw liefde, hoop, geloof – uw zonneschijn.
Halleluja!