Met de groeten uit Alphen aan de Rijn

Onderstaand artikel stond in het oktobernummer van de Een van vorig jaar. In verband met de coronamaatregelen werd de dienst van 15 november 2020 uitgesteld naar zondag 19 december a.s. Om het geheugen op te frissen willen we het schrijven van ds. Cort van der Linden nog een keer onder de aandacht brengen.

Met de groeten uit Alphen aan de Rijn

Cort-van-der-Linden.jpgZondag 15 november a.s. mag ik in Naaldwijk voorgaan. Dat vind ik fijn en wel om een speciale reden. Maart 2020 was het namelijk 50 jaar geleden dat ik als predikant bevestigd werd. En in plaats van mensen uit mijn vroegere gemeentes uit te nodigen voor de jubileumdienst in Alphen aan den Rijn, leek het mij mooi om zelf nog eens in die gemeentes voor te gaan. Om zo a.h.w. mijn dankbaarheid over dit jubileum met u te delen. Gelukkig reageerden uw preekvoorziener en kerkenraad positief. En zodoende hoop ik op 15 november uw gastvoorganger te zijn.
Natuurlijk is het allemaal wat anders dan eerder gedacht. Door de corona-crisis zullen er nu weinig mensen aanwezig kunnen zijn. Al hoop ik nog op een kleine versoepeling naar 60 personen. Maar er is de internet-uitzending. En samen met het (smal-)deel in de kerk kunnen we dan toch nog een keer met elkaar de eredienst vieren.

In 1988 kwamen wij met ons gezin naar Naaldwijk. We verwisselden de Z.O. Veluwezoom voor het Westland. Na 9 jaar Dieren leek verandering een goede optie. En zo betrokken wij Dijkweg 28. De oudste dochter Hedy ging op kamers wonen in studiestad Utrecht. En Jacomien en Jop vervolgden hun middelbare school in een nieuwe sfeer.
Ik was in de Gereformeerde kerk beroepen voor wijk West, in de vacature van collega Wim Griffioen. Hij bleef nog een paar maanden aan en ging toen met de VUT. Deed daarna nog iets in het seniorenpastoraat. Maar wat een schrik toen hij een paar jaar later zo plotseling overleed.

Collegiaal passeerde er voor mij nogal wat. De eerste 5 jaar was collega ten Napel nog in actieve dienst. Hij stond toen al 23 jaar in Naaldwijk en was gehecht aan anciënniteit. Dat betekende dat voor hem de oudere ook de meeste zeggenschap had. Voor het ‘jonkie’ dat naast hem kwam niet altijd eenvoudig om z’n eigen positie te markeren. Na 5 jaar ging Thijs met emeritaat en kwam Kees Streefkerk. Van meet af aan wisten we: wij staan samen voor de kar, en die willen we ook samen trekken. Het werden 7 jaren samen. In goede collegiale en vriendschappelijke samenwerking. Met soms verschillende toon en taal in de prediking, maar niet als tegenstellingen, meer als accentverschillen. Met zicht op elkaars gaven en er op gericht die te versterken. En om het werk zo te verdelen, dat de gemeente baat zou hebben bij beider inzet.
Voor wijk Zuid kwam na een poosje Nel de Koe erbij. Later opgevolgd door Iman Padmos. In het pastores-overleg was er altijd veel te bespreken. Hard werd er in die jaren gewerkt aan de opzet van de Gemeente-Gespreksavonden. Qua inhoud en uitrol over de gemeente bewaar ik er goede herinneringen aan.
Herinneringen aan die 12 jaar ‘Naaldwijk ’zijn er trouwens genoeg. De oprichting van een echte Raad van Kerken, als opvolger van het I.K.O. (Interkerkelijk overleg). De bijzondere openluchtdiensten op het Wilhelminaplein als gevolg daarvan. Maar vooral de liturgische-ontwikkeling, die binnen eigen kerk in gang gezet werd. Met voorop de invoering van het vieren van het Triduüm (de Heilige Drie Dagen van Pasen). Eerst werd er met de werkgroep ijverig gestudeerd en toen kwamen de intense vieringen. Een zanggroep erbij. En gewoon doorgaan, ook toen het voor (een deel van) de gemeente nog wennen bleek. Doorgaan, omdat hier het hart van ons christelijk geloof klopt.

De antependia kwamen, in Binnenhaven en Ontmoetingskerk. Ik ging over naar een lichte toga (albe) met stola’s in de kleuren van het kerkelijk jaar. Prachtig geweven door Elly Flikweert-van Balen. Ik draag ze nog steeds. Ochtendkringen waren er om de inhoud van het kerkelijk jaar dichterbij te krijgen. En niet te vergeten: we gingen nadenken over Jongeren aan het Avondmaal. Een werkgroep studeerde, ging in gesprek met kerkenraad. Pittige gesprekken, weet ik nog. Maar wat waren de voorbereidende avonden met ouders en kinderen zinvol. De betekenis van het Avondmaal kreeg ook voor ouders een nieuwe impuls. En ook de 4 introductie-diensten met meevierende jongeren staan me nog goed voor ogen. Het Conciliair Proces kreeg volop aandacht: gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping. Met een speciale dienst, in samenwerking met het kinderkoor, gingen we zelfs het Westland rond.

Lofprijzing, als gelovige uitingsvorm kreeg een plaats in diensten op de middag. Met veel inbreng van gemeenteleden en steunende verwerkingsvormen. Misschien weet een enkeling ook nog wel van die bijzonder middag in de Binnenhaven onder het motto ‘Looft Hem met de dans’. Ik denk nog met veel plezier terug aan de spiritualiteitsavonden en de heerlijke avonden rond poëzie. Het hielp de gevoeligheid voor taal te vergoten ook dichterbij je eigen binnenkant te komen.
Het was in die tijd, bij wat men ervoer als vernieuwingen, wel eens opboksen tegen de gevestigde mentaliteit. Mijnerzijds was losse souplesse toen ook niet mijn sterkste kant. Maar er is, zo denk ik achteraf, wel een pad gebaand voor wat nu bijna als vanzelfsprekend ervaren wordt.

Voor mijzelf was er ook de ontwikkeling naar meer aandacht voor het werk van de Heilige Geest. Dat ging bijna gelijk op met een verdieping van het persoonlijk pastoraat voor gemeenteleden. Niet zelden over een langere periode. Kostbaar voor beide kanten.
Naast vele vergaderingen over beleidsplannen, kreeg ik de kans om de opleiding Bibliodrama te gaan doen. Nog altijd zie ik bij bepaalde Bijbelgedeeltes ineens een spelmoment terug. En ik weet dat, voor wie haar of zijn aarzeling overwon, er zegen van uit gegaan is.

Oecumenisch waren we nog geen PKN. Integendeel: de gesprekken met de Oude Kerk logen er niet om. Ik kon daarbij mijn gereformeerd-zijn niet thuis laten en voelde me soms gedrongen op te komen voor de unieke plaats van Jezus Christus als onze Redder. Met collega Ton de Vos aan de andere kant van de tafel. Zijn opvolger, de zwierige Paul Saraber, was dan weer van heel andere snit. En kijk: nu zitten we allemaal onder de koepel van de PKN. Wie hoor ik daar zeggen dat de PKN van nu, toch weer trekken vertoont van de vroegere Hervormde hotelkerk?
50jaar.jpgOecumenisch denk ik aan de kapel op de Dijkweg, waar ik de sleutel van kreeg voor eigen bezinningsmomenten en waar verschillende bruidsparen getrouwd zijn. Ik denk aan de pastoors: Verburg, Hans Ammerlaan en tenslotte Jaap Steenvoorden, met wie ik vlak voor mijn vertrek nog de Aswoensdag-viering in de RK-kerk mocht doen. Of ik denk aan de vele ontmoetingen met leden van ‘de Kandelaar’. Aan de collega’s van toen Gerrit Cnossen en Gerrit-Jan Loor.

Nee, ik zal niet het hele kerkblad vullen met herinneringen en bespiegelingen. Wel noem ik nog dankbaar mijn 25-jarig ambtsjubileum toen. Met ’s middags een leuke receptie (het gastenboek in de vorm van een echte boekrol ligt nog op mijn kamer). Met een avondgebed over de zaaier, die mag zaaien, maar zelf niet weet hoe het zaad opkomt. Dat is ook niet zijn werk. Daar zorgt God voor. Vervolgens een broodmaaltijd en een echte feestavond met allemaal mensen uit voorgaande gemeentes. Prachtige bijdrages waren er, een mooie kans om mij ook eens vriendelijk op de hak te nemen. En de volgende dag een dankbare eredienst En nu ben ik dit jaar alweer 50 jaar predikant. En het doet mij deugd om in dit jubileumjaar nog een keer in de Ontmoetingskerk te mogen voorgaan. Ik zie er naar uit.

Met hartelijke groet, ds. Cort van der Linden